Alles overHoop

Preek voor het Heilig Avondmaal over Klaagliederen 3:1-24 gehouden in de Dorpskerk van Vreeswijk-Nieuwegein op 30 augustus 2020.

Gemeente van onze Heere Jezus Christus,

Boven de preek heb ik geschreven: Alles overhoop.

In de eerste plaats omdat in Jeruzalem alles over hoop ligt.
De stad en de tempel zijn verwoest door de Babyloniërs onder Nebukadnessar (586 voor Christus).
De verwoesting van de stad en de tempel zijn de reden voor het klagen van Jeremia.
In het boekje[i] dat elk jaar op de negende dag van de maand Av wordt gelezen – Tisja Beav[ii] de jaarlijkse vasten- en rouwdag waarop de verwoesting van de eerste en de tweede tempel wordt herdacht – staan vijf klaagliederen.
Wij lazen het begin van het indrukwekkende derde lied.

Alles overhoop.
Niet alleen de stad en de tempel.
Ook de profeet ligt over hoop.
Met zichzelf, maar vooral ook met God.

1Ik ben de man die ellende gezien heeft
door de stok van Zijn verbolgenheid.
2Mij heeft Hij geleid en doen gaan
in duisternis, en niet in licht.
3Ja, Hij heeft telkens weer Zijn hand
tegen mij gekeerd, de hele dag

Het is niet de eerste keer dat hij met God over hoop ligt.
In het Bijbelboek Jeremia zelf, kunt u lezen dat hij het uitroept:

14Vervloekt is de dag

waarop ik geboren ben.
De dag waarop mijn moeder mij gebaard heeft,
laat die niet gezegend zijn.[iii]

En dan vervloekt hij zelfs de man die zijn vader kwam vertellen dat hij geboren was.

15Vervloekt is de man
die mijn vader de boodschap bracht:
U hebt een kind gekregen, een jongetje,
en hem zeer blij maakte.[iv]

Hier in Klaagliederen 3 schreeuwt hij het uit.
Maar of hij antwoord krijgt…

8Ook wanneer ik het uitschreeuw en om hulp roep, 
sluit Hij Zijn oren voor mijn gebed.[v]

Hij roept wel, maar God antwoordt niet.
Bidden en geen stem uit de hemel.
Sterker, de HEERE wordt genoemd:
Een loerende beer.
Een leeuw die vanuit de struiken naar hem loert om hem te verslinden.[vi]

In vers 12 is de HEERE een vijand die Zijn boog spant om Jeremia als doel met Zijn pijl te treffen.

En ik dacht: heb ik, hebt u dat wel eens van de HEERE gezegd?
Heeft u wel eens zo gebeden?
Zijn zijn woorden herkenbaar?
Heeft u dat gevoel ook?

Dat u denkt: “Ik bid wel, maar alles wordt bij de handen afgebroken.”

Heeft u zo wel eens gebeden?

In ieder geval vind ik het mooi dat dit ook in de Bijbel staat.
De Bijbel toont ons geen ‘vrome, volmaakte, keurige mensjes’, maar mensen van vlees en bloed. 
Jeremia is iemand met gevoelens van angst, wanhoop, depressie en twijfel. 
Iemand dus zoals u en ik. 

Daarmee komt hij heel dichtbij. 
En ik denk dat ik daarom van hem ben gaan houden.

Je kunt ook van hem leren.
Allereerst dat hij “durft te mopperen op God”. 
Hij praat niet vroom, smeert niet alles dicht: “Je moet niet vragen waarom, maar waartoe…”

Hij uit zijn klachten bij God zelf. 
Dat is direct het tweede.
Zijn klachten hebben een Adres!

Denk aan mij!

19Denk aan mijn ellende en mijn ontheemding, 
aan de alsem en de gal.[vii]

Hij bidt!
Denk aan mij!
Hij worstelt met God om God.
Denk aan mij!
Doe mij recht!

Hoe velen hier roepen dat niet met hem uit?
Zonder dat je dat misschien allemaal weet van elkaar.

HEERE, denk aan mij!
U ziet toch mijn verdriet en moeite?

Je geliefde is overleden.
En jij blijft achter…
HEERE, denk aan mij!

Moeilijkheden in het huwelijk.
HEERE, denk aan mij!

Problemen en zorgen over de kinderen.
HEERE, denk aan mij!

Worstelen met je verslaving.
HEERE, denk aan mij!

Nou vult u allemaal maar aan.

De zorgen nemen je helemaal in beslag.
20Mijn ziel denkt er onophoudelijk aan, 
zij buigt zich neer in mij.

Maar hij blijft wel bidden.
Hij zegt niet zoals de vrouw van Job: “Houd je nog steeds vast aan je vroomheid? Zeg God vaarwel en sterf.”[viii]
Hij zegt niet: “Laat maar waaien. Bidden heb je toch niks aan…”
Nee, hij lijkt op de weduwe die blijft aandringen bij de rechter.[ix]
Daarvan zal Jezus later zeggen: “Zal God dan geen recht doen aan Zijn uitverkorenen, die dag en nacht tot Hem roepen, ook wanneer Hij lang wacht om hen te hulp te komen?”

En dan de omkeer in vers 21.
Jeremia spreekt zichzelf toe:
21Dit zal ik ter harte nemen, 
daarom zal ik hopen:

Het is alsof in alle duisternis plots toch iets van licht binnen valt.
“Er is hoop!”, zegt Jeremia. Te midden van alle ellende![x]

21Dit zal ik ter harte nemen, 
daarom zal ik hopen:
22Het is de goedertierenheid van de HEERE dat wij niet omgekomen zijn, 
dat Zijn barmhartigheid niet opgehouden is!
23Nieuw zijn ze, elke morgen; 
groot is Uw trouw!
24Mijn deel is de HEERE, zegt mijn ziel, 
daarom zal ik op Hem hopen.

Het is de goedertierenheid van de HEERE, Zijn verbondstrouw dat wij nog leven.
Het is de trouw van God dat Zijn barmhartigheid niet opgehouden is.

Elke morgen weer!
Groot is Uw trouw o Heer.

Het is ook niet voor niets dat het het eerste en het laatste lied van deze zondag.

24Mijn deel is de HEERE, zegt mijn ziel, 
daarom zal ik op Hem hopen.

“Ik ben van de HEERE” zegt Jeremia, “en daarom zal ik hopen!”

Dat is bij ons toch niet anders?
Nee toch…

Waarom heb je hoop?
Waarom sta je hoopvol in het leven?
Ook wanneer er tegenslagen zijn en je afvraagt “Hoe moet het nou?” “Wat nu?”

Waarom toch hoop?

Omdat je van de HEERE bent!
Denk aan de eerste vraag van de oude catechismus.

Wat is je enige houvast, in leven en in sterven?
Ik ben het eigendom van Jezus.
En dat ben ik helemaal.
Met lichaam en ziel.
Met huid en haar.

Met zijn kostbaar bloed heeft Hij voor al mijn zonden volkomen betaald en mij uit alle heerschappij van de duivel verlost.

Jezus is Mijn Verlosser.
En Vader belooft “het kwade te weren of ten beste keren”.

Hij zorgt voor mij. Hij zorgt voor jou. Hij zorgt voor u…

Ik hoef niet te zeggen dat dat aangevochten kan worden en wordt!
Wat een ellende kunnen mensen meemaken.
Daar weet u helaas ook de voorbeelden van.

En toch…

Juist in de ellende, mag je weten. God ziet het… 
Hij hoort het.
Hij is zoals Hij heet: Ik ben erbij.

Ook als je daar niets van merkt…

Wij zijn, ik ben niet overgeleverd aan het noodlot.
Wij zijn, ik ben niet overgeleverd aan de chaosmachten.
Ik ben geen speelbal van machten.
Nee, ik word bewaard.

Ook in mijn verdriet, hebben mijn klachten daarom een Adres.
In de diepten kan ik roepen “God waar bent U?”“God denk aan mij…”

En tegelijkertijd geloof ik: Hij hoort, al lijkt het soms of Hij Zijn vingers in de oren heeft.

Het geloof zegt: En toch!

Ik ben van Hem. Gekocht en betaald en Hij bewaakt en bewaart mij.

Zoals een herder voor zijn schapen zorgt. 
Zo zorgt de Goede Herder voor Zijn schapen!
Voor u, voor jou!

Daarom kunnen we zingen:
Al ging ik ook door een dal vol schaduw van de dood,
ik zou geen kwaad vrezen, want U bent met mij;
Uw stok en Uw staf,
die vertroosten mij.
5U maakt voor mij de tafel gereed

Jezus zegt: ‘Ik ben de goede Herder; de goede herder geeft zijn leven voor de schapen”.[xi] 

Jezus!

Als ik Zijn Naam noem, kunnen we toch niet blijven Jeremiëren met Jeremia?
Dan springt ons hart toch op?!

Nee, als we zien op Jezus gaat de klaagzang over in een lofzang.

Jezus rekende af met de zonden, de oorzaak van alle ellende, door te sterven aan een kruis.
Op de derde dag stond Hij op uit de doden.
De dood is overwonnen!
Zijn opstanding de garantie van de onze.
De Toekomst is opengebroken!

Vandaag zien we het voor onze ogen!

Zijn lichaam verbroken.
Zijn bloed vergoten.

Alle onze vragen, ook al onze waaroms, heeft Hij meegenomen aan het kruis.
“Mijn God, Mijn God, waarom hebt U Mij verlaten…”
Opdat wij, en ik, nooit door God verlaten zouden en zullen zijn!

Ook u niet. Ook jij niet.

Zoals Paulus het schrijft in Romeinen 8:
38Want ik ben ervan overtuigd dat noch dood, noch leven, noch engelen, noch overheden, noch krachten, noch tegenwoordige, noch toekomstige dingen,
39noch hoogte, noch diepte, noch enig ander schepsel ons zal kunnen scheiden van de liefde van God in Christus Jezus, onze Heere.

Niets kan ons scheiden van Hem!
Dat wordt ons verzekerd!

Dat wil niet zeggen dat niemand van ons getroffen zal worden door het coronavirus.

Nee, maar het zegt wel alles over onze hoop!

Alles over hoop!
Jezus is onze hoop!

Zijn sterven en opstanding vormt het fundament van onze hoop.
Een hoop die eens over zal gaan in aanschouwen.
Als Hij komt!

En daarom bidden we, juist ook bij het avondmaal: 
Maranatha, kom Heere Jezus.

Amen!


[i] In het Hebreeuws heet het boekje Echa, ‘Ach’. Dat is ook het eerste woord van het boek.
[ii] Tisja Beav betekent ‘de negende dag van de maand av’ (juli/augustus). Op deze dag werd in 586 voor Christus de tempel van Salomo verwoest door de Babyloniërs en begon de Babylonische ballingschap.
Het is opmerkelijk dat de tweede tempel in 70 na Christus op dezelfde datum door de Romeinen werd verwoest.
In de drie weken voor Tisja Beav worden er geen huwelijken gesloten en laat men zich niet knippen of scheren. Daarnaast doen mensen geen grote aankopen. Op de negende Av zelf wordt er gevast. Het is echt een rouwdag. Mensen mogen zich bijvoorbeeld niet douchen. In de synagoge wordt het Bijbelboek Klaagliederen gelezen.
[iii] Jer. 20:14.
[iv] Jer. 20:15. Zie ook https://glismeijer.com/2019/02/26/dankbaarheid-verlossing-ellende/.
[v] Klaagliederen 3:8.
[vi] Klaagliederen 3:10.
[vii] Klaagliederen 3:19.
[viii] Job 2:9.
[ix] Zie Lukas 18:1-8. 
[x] Lees ook nog eens zondag 9 van de Heidelberger. Er is hoop in dit “jammerdal” omdat Vader zorgt.
[xi] Joh. 10:11.

Categorieën:

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s